Aannamebeleid

Aannamebeleid (hulp)jeugdtrainers Stichting Survivalrungroep Teteringen

Voor iedere vrijwilliger die zich bij Stichting Survivalrungroep Teteringen (SST) aanmeldt, geldt dat onderstaande stappen altijd doorlopen zullen worden alvorens de vrijwilliger zelfstandig als jeugdtrainer of hulptrainer jeugd actief mag zijn.

  • Stap 1: Kennismakingsgesprek met trainer
  • Stap 2: Referentiecheck bij de vereniging waar de vrijwilliger vandaan komt.
  • Stap 3: VOG aanvraag (de herhaaltermijn is 3 jaar).
  • Stap 4: Elke (nieuwe) (hulp)trainer ontvangt de gedragscode voor vrijwilligers en ondertekent deze.

Stap 1:
Er wordt een gesprek gevoerd met de vrijwilliger door een van de trainers en/of een bestuurslid van de afdeling waar de vrijwilliger zich in gaat zetten. Gedurende het kennismakingsgesprek krijgen de gesprekspartners een beeld van elkaar en maken ze goede afspraken over elkaars verwachtingen. Tevens wordt in het kennismakingsgesprek verwezen naar de gedragscode van SST. Het aannamebeleid (stap 2 tot en met 5) wordt besproken zodat de vrijwilliger op de hoogte is van de inhoud en eventuele verduidelijkingsvragen kan stellen.

Stap 2: 
Wanneer een vrijwilliger voor hij/zij zich heeft aangemeld bij SST vrijwilliger is geweest bij een andere vereniging, meldt hij/zij dat tijdens het eerste gesprek met de vereniging. SST neemt contact op met die vereniging om na te gaan of er bijzonderheden waren met betrekking tot het functioneren van de vrijwilliger bij die vereniging. Hierin kan verwezen worden naar het aannamebeleid van SST met betrekking tot nieuwe vrijwilligers.

Stap 3: 
Voor de vrijwilliger wordt door SST een digitale VOG aanvraag klaargezet. De vrijwilliger dient deze VOG binnen 14 dagen na het klaarzetten aan te vragen.

Stap 4: 
De gedragscode wordt per e-mail of op andere (digitale) wijze naar de vrijwilliger verzonden. De vrijwilliger ondertekent deze documenten. Hiermee geeft hij/zij te kennen geeft zich aan de gedragscode te zullen houden. Indien de vrijwilliger geen lid wil/kan zijn van de Survivalrunbond tekent hij/zij ook een VOT (Verklaring onderwerping Tuchtrecht), waarmee hij/zij te kennen geeft zich te zullen onderwerpen aan de rechtspraak van het Instituut Sport Rechtspraak, waarbij SST via de bonden is aangesloten. Door het ondertekenen van de VOT valt de vrijwilliger onder het tuchtrecht van het ISR en weet hij/zij dat hij daaronder valt.

 

Een VOG voor alle (hulp)trainers en begeleiders bij SST die minderjarigen trainen/begeleiden

Een VOG staat voor Verklaring Omtrent het Gedrag. Dat is een verklaring van het ministerie van Veiligheid en Justitie, waaruit blijkt dat het gedrag uit het verleden van die persoon geen bezwaar oplevert voor het gevraagde doel, bijvoorbeeld het verkrijgen van een nieuwe baan of het werken met minderjarigen bij een sportvereniging.

Een VOG staat ook wel bekend als een bewijs van goed gedrag. Het wordt sportverenigingen aangeraden om de (beoogde) vrijwilligers die met kwetsbare mensen (gaan) werken te laten screenen op hun verleden. Als uit de screening blijkt dat bijvoorbeeld een begeleider in het verleden veroordeeld is voor seksueel misbruik, dan wordt de VOG niet aan hem of haar verstrekt vanwege het verhoogde risico op herhaling.

Door VOG’s te laten overleggen geeft de vereniging aan de leden, ouders van leden en vrijwilligers het signaal af sociale veiligheid belangrijk te vinden en hiervoor haar verantwoordelijkheid te nemen. Hier zijn voor deze vrijwilligers geen kosten aan verbonden. Voor meer informatie: neem contact op met het afdelingsbestuur.

 

Bestuursleden ook een VOG

Om een goed voorbeeld te geven vragen ook alle bestuursleden een VOG aan. Hiermee onderschrijven alle leden van het hoofdbestuur en van de afdelingsbesturen het belang van een dergelijke verklaring.

 

Herhaling aanvraag

Voor nieuwe (hulp)trainers en begeleiders en nieuwe bestuurders wordt direct een VOG aanvraag ingezet (zie ook aannamebeleid vrijwilligers).

Voor alle anderen zal na drie jaar wederom een aanvraag komen of als er vermoedens zijn dat er in de tussentijd redenen zijn waarom een nieuwe VOG niet zou worden afgegeven. Het hoofdbestuur, met advies van het afdelingsbestuur, beslist hierover.